Verwarm de oven voor op 180 boven- en onderwarmte.
Snijd de aardappelen in dunne plakjes (ongeveer 2-3 mm dik). Een mandoline kan hierbij handig zijn.
Snij een teentje knoflook doormidden en wrijf de binnenkant van een ovenschaal in met de snijkant van de knoflook. Smeer de ovenschaal dan in met roomboter.
Verwarm de melk samen met de slagroom in een grote pan op middelhoog vuur. Voeg nootmuskaat en zout en peper naar smaak toe.
Voeg dan de mosterd en (fijngehakte of uitgeperste) knoflook toe en roer goed door.
Voeg de aardappelschijfjes toe aan de pan en breng het geheel aan de kook. Laat de aardappelen ongeveer 10 minuten zachtjes koken, of totdat ze net beginnen te garen.
Gebruik een schuimspaan om de aardappelschijfjes uit de pan te halen en leg ze in de ovenschaal.
Giet het melk-roommengsel over de aardappelen zodat ze goed bedekt zijn.
Bestrooi de bovenkant met de geraspte kaas. Snij de boter in kleine stukjes en verdeel deze over de bovenkant van de schaal.
Zet de schaal in de oven en bak de gratin gedurende 30-40 minuten, of totdat de bovenkant goudbruin is en de aardappelen helemaal gaar zijn.
Laat de gratin enkele minuten afkoelen voordat je hem serveert, zodat hij iets steviger wordt. Garneer optioneel met nog wat verse of gedroogde peterselie. Eet smakelijk!